Pompoen

Ik liet me betoveren door de stilte van de vroege, warme herfst. Een oude vlieg beklom een donkergroen grassprietje, een late bij zoemde over de mesthoop, de zwaluwen die een week geleden nog vrolijk in het rond kwinkelden waren verdwenen. Ik bekeek mijn veldje pompoenen dat met gulzige, aan wanhoop grenzende vlijt bloemen bleef aanmaken.
Op het zwaarste exemplaar bevond zich elfje Zelf. Met grote elfenogen staarde ze naar het zwellende, zich uitdeinende oranje-groene veld.
Zodra ze me ontwaarde, begon ze hartverscheurend te wenen.
‘Radeloos’, snikte ze. ‘Radeloos ben ik.’
‘Nonsens, je bent een elf. En niet zomaar ééntje, je bent Zelf.’
‘Elfje Zeven heeft er ook last van,’ vervolgde ze met een bibberend elfenstemmetje.
Ja, na al die perikelen van Elfje Zeven kon ik zijn radeloosheid wel begrijpen, maar Zelfje?
Wellicht had hij haar op de één of andere twijfelachtige manier aangestoken, dacht ik beschuldigend. Als om mijn gedachten vorm te geven zoefde op dat eigenste moment die Elfje Zeven op zijn elfenscooter voorbij. De stilte van de herfst vloog aan diggelen en Zelfje begon nog luider te jammeren. Haar gedachten gingen met haar op de loop en deinden in vernielende golven over het landschap, een maïsakker viel plat, grazende schaapjes werden omvergeblazen, wolken tuimelden uit de lucht. Het werd kortom één chaotische bedoening op deze vroege herfstdag. Dit was niet leuk meer.
Een eveneens gevallen engel in de hemel brulde: ‘In godsnaam, doe iets!’ en gooide een putboor naar beneden.
Dat gaf me een dreun. De pompoen waarop Zelfje zat, spleet erdoor in twee, en ik, onhandig als altijd, raakte verstrikt in een netje van opzwiepende pompoenstengels.
Zelfje vond dit best grappig, hikte van het lachen en keek met glazige oogjes naar de boor.
‘Aan het werk!’ bulderde ik met een grafstem.
Samen met Zelfje boorde ik een diep gat naast de mesthoop, de golven van radeloosheid zwiepten nog even op en neer. Dan werden ze opgeslokt door onze vers gegraven kuil. Klompjes half verteerde mest en één pompoenhelft werden meegesleurd in hun zog en sloten de put af. Alle geluid verstomde, de herfst was weer stil. Even bleven we in verbaasde stilte mijmeren bij het graf vol radeloze gedachten maar al gauw wandelden we weg. We besloten om soep te maken van de andere pompoenhelft. Zo werd dit toch nog een blije en smakelijke dag.

© Carine JA Maes

2 gedachtes over “Pompoen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s